Avatar
16 May 2019 - Sander Wesdorp plaatste:

Premiedifferentiatie WW en gevolgen GGZ

Wet Arbeidsmarkt in Balans en WW-premie differentiatie

In de Wet Arbeidsmarkt in Balans (Wab) zit een differentiatie van de WW-premie. Maar hoe zit dat precies en wat betekent dat voor onze branche? In de Wab is voorgesteld om de financiering van de werkloosheidswet te wijzigen. Niet de branche waarin wordt gewerkt is bepalend, maar het soort contract moet de hoogte van de WW-premie gaan bepalen. Dit voorstel is uitgewerkt in een zogenaamd ontwerpbesluit.

WW-premie differentiatie

De eerste zes maanden van WW-uitkeringen worden op dit moment gefinancierd via 67 verschillende sectorpremies. De Belastingdienst deelt elke werkgever in één van de sectoren in. Elke sector heeft zijn eigen sectorfonds en bijbehorende sectorpremie. Alleen voor een aantal sectoren met veel seizoenswerkloosheid is de sectorpremie gedifferentieerd naar contractduur (o.a. bouw en horeca).

Het wetsvoorstel

De bedoeling van de Wab is met name om het voor werkgevers interessanter te maken werknemers een vast contract te geven. Als werkgevers een lagere premie moeten betalen voor een werknemer met een vast contract dan voor een werknemer met een flexibel contract, dan zal hij eerder voor een vast contract kiezen. De regel is dat de lage premie geldt voor werknemers met een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd, tenzij er sprake is van een oproepovereenkomst. Nul-urencontracten en min-maxcontracten komen dus niet in aanmerking voor de lagere premie.

Uitzondering

Voor arbeidsovereenkomsten die worden aangegaan in het kader van een leerwerktraject geldt een uitzondering. Deze contracten zijn per definitie voor bepaalde tijd omdat partijen ze aangaan voor de duur van de opleiding. Toch mag een werkgever in dit geval het lage percentage hanteren. De regering wil werkgevers graag motiveren om opleidingsplekken aan te bieden aan leerlingen in het beroepsonderwijs.

Lagere regelgeving

In het Conceptbesluit Wfsv premiedifferentiatie WW is de premiedifferentiatie WW uitgewerkt. In dit besluit is onder andere geregeld dat het verschil tussen het hoge en het lage percentage vijf procent bedraagt. Het besluit regelt ook dat het lage percentage wordt herzien als er sprake was van een contract voor onbepaalde tijd maar:

  • als het dienstverband binnen vijf maanden na aanvang eindigt;
  • als de werknemer binnen een kalenderjaar meer dan 30% uren extra verloond heeft gekregen dan contractueel voor dat jaar was overeengekomen (dit geldt niet als in de arbeidsovereenkomst 35 diensturen of meer per week zijn overeengekomen);
  • als de werknemer binnen een jaar na indiensttreding een WW-uitkering krijgt vanwege arbeidsuren-of inkomensverlies bij de werkgever;
  • als de werknemer in feite seizoensmatig bij de werkgever werkt.

Mogelijke negatieve neveneffecten voor de GGZ

GGZ Nederland onderschrijft in principe de gedachte om flexwerk duurder te maken dan ‘vast werk’. Wel zijn wij kritisch op het toepassen van het hoge percentage op de uren buiten de contracturen. Onze branche kent immers diverse vormen van zorgdiensten die buiten de contractuele arbeidsduur vallen (crisisdiensten, bereikbaarheidsdiensten etc). Het kan wat ons betreft niet zo zijn dat ook deze uren uiteindelijk onder het hoge tarief vallen. Datzelfde geldt ook voor opleidingen die buiten de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) vallen. We hebben ons standpunt inmiddels kenbaar gemaakt bij het Ministerie.

De veranderde wetgeving gaat waarschijnlijk in per 01-01-2020. GGZ Nederland blijft ook de aankomende tijd via onze Haagse contacten aandacht vragen voor de nadelige neveneffecten van de premiedifferentiatie WW. Meer info over de wet vind je terug op: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/arbeidsovereenkomst-en-cao/plannen-kabinet-voor-meer-balans-tussen-vast-werk-en-flexwerk

Om te kunnen reageren dien je geregistreerd en ingelogd te zijn. Klik hier om in te loggen. Ben je nog geen lid van GGZ connect dan kun je je hier gratis registreren.